Perspectief bieden, kansen benutten;
van visie naar actie

Beleidsplan Ypsilon 2011-2014
Inhoud
Inleiding
Missie, doel en visie
Sterkten, zwakten, kansen en bedreigingen
Toekomstvisie
Strategische doelen
Uitwerking activiteiten landelijk bureau
Afdelingen aan zet
Bijlagen
Sterkten, zwakten, kansen en bedreigingen
Een visie op de toekomst wint aan kracht als de vereniging rekening houdt met de eigen sterkten en zwakten, maar zich ook rekenschap geeft van de kansen en bedreigingen in de omgeving waarin ze zich bevindt. De belangrijkste daarvan zijn opgenomen in de onderstaande tabel.
|
Zwakten
|
Sterkten
|
-
Zowel landelijk als regionaal georganiseerd.
-
Niet alleen afhankelijk van overheidssubsidie.
-
Ruime ervaring in het werven van projectgelden.
-
Gezag en bekendheid door grote achterban, hoog kennisniveau en landelijke organisatie.
-
Goede relaties en netwerk met o.a. landelijke organisaties (Anoiksis, Phrenos, LPGGz, Trimbos-instituut).
-
Uitstekende informatievoorziening en voorlichting aan leden en niet-leden
-
Veel ervaringsdeskundigen en ervaringsdeskundigheid beschikbaar.
|
-
Ledenaantal loopt langzaam terug.
-
Geen structurele financiering voor uitvoering “eigen” beleid.
-
Onvoldoende opgeleide en getrainde vrijwilligers, landelijk en regionaal
-
Sterk afhankelijk van incidentele projectfinanciering (en dus beleid van derden).
-
Op decentraal niveau alleen vrijwilligers.
-
Onduidelijkheid m.b.t. verantwoordelijkheden en bevoegdheden, landelijk en regionaal.
-
Focus is vaak ziekte- en GGZ-georiënteerd en weinig op herstel en op bijv. de gemeente.
|
|
Kansen
|
Bedreigingen
|
-
Vraagsturing in zorg neemt toe: naastbetrokkenen spelen een belangrijker rol dan voorheen.
-
Overheid heeft ‘zorg dichter bij huis’ tot speerpunt benoemd
-
Samenwerking in de zorg is toegenomen (denk aan ketenzorg, F-ACT).
-
Samenwerking tussen cliënten- en familieorganisaties is beter dan ooit (Landelijk Platform GGz)
-
Kennisinstituten (universiteiten en hogescholen) zien belang in van ervaringsdeskundigheid en toepassing ervan.
-
WMO-gelden komen lokaal en regionaal ter beschikking
-
Al veel GGZ-instellingen beschikken over een familievertrouwenspersoon
-
Steeds meer GGZ-instellingen beschikken over een familieraad
-
GGZ-instellingen nemen meer (familie)ervaringsdeskundigen in dienst.
-
Maatschappelijke aandacht voor ‘liefdadigheid’ neemt toe.
-
Bijzondere woonprojecten nemen toe in kwaliteit en omvang door toenemende aandacht voor extramuraal wonen.
-
Waardering voor empowerment van patiënten en hun naastbetrokkenen neemt toe.
|
-
De subsidie vanuit het rijk wordt afgebouwd.
-
Collega-organisaties nemen in omvang en aantal af.
-
Grote bezuinigingen in de zorg.
-
Eigen bijdragen maken kans op zorgmijding groter.
-
Familieparticipatie is nog niet doorgedrongen tot alle niveaus in de zorg
-
Weinig samenhang belangenbehartiging op regionaal niveau.
-
Binnen WMO komen GGZ-cliënten te weinig aan bod.
-
Aanpak van verslavingszorg, psychiatrische zorg en forensische zorg is te gescheiden.
|
|