Bijwerkingen van antipsychotica

 

Bewegingsstoornissen

Spierkramp (acute dystonie): dit kan soms aan het begin van een behandeling plotseling optreden. De spieren van de ogen, de mond, kaak en hals zijn er dan het vaakst bij betrokken. Als de oogspieren een plotselinge kramp hebben draaien de ogen naar een kant, de patiënt kan ineens niet goed meer zien en niet alleen de patiënt maar ook de omstanders schrikken enorm. Meestal duurt de kramp niet langer dan een uur. Prettiger dan wachten is een injectie met een anticholinergicum. Dat helpt meteen. Deze bijwerking kan meestal voorkómen worden door aan iemand die voor 't eerst een klassiek neurolepticum gebruikt dit te combineren met een anticholinergicum.

Abnormale bewegingen (dyskinesie): van lichte trillerigheid tot spierschokjes die de coördinatie bemoeilijken. Dit treedt vooral op aan de armen en handen. Iemand kan bijvoorbeeld geen kopje thee drinken zonder te morsen.Aan de benen uiten abnormale bewegingen zich vooral als een onvermogen om zittend de benen stil te houden. Ook de lippen en tong kunnen abnormale bewegingen vertonen waardoor de articulatie bemoeilijkt wordt.

Tardieve dyskinesie wordt de aandoening genoemd die een gevolg kan zijn van langdurig neurolepticagebruik. Hierbij treden laat (tardief), na maanden maar ook soms pas na jaren, abnormale bewegingen op in het gelaat. Het kunnen kauwende of smakkende bewegingen zijn en onwillekeurige bewegingen van de tong. Ook spieren van de romp kunnen tardief worden aangedaan waardoor schokkende of wiegende bewegingen kunnen optreden. Tegen tardieve dyskinesie is tot op heden geen middel gevonden. De bewegingsstoornis kan bovendien nog lang blijven bestaan nadat het gebruik van het neurolepticum gestaakt is. Het is dus een ernstige en met name voor het sociaal functioneren vervelende bijwerking. Omdat niet iedereen last krijgt van tardieve dyskinesie wordt nog wel eens verzuimd dit risico met de patiënt te bespreken.

Spierstijfheid (hypertonie) leidt ook tot abnormale bewegingen. De patiënt loopt met kleine pasjes, een beetje voorovergebogen en met de armen licht gebogen: kortom als een zombie. De abnormale bewegingen en spierstijfheid reageren, net als de plotselinge kramp, goed op toevoeging van een anticholinergicum.

Rusteloosheid (akathisie) uit zich door niet goed stil kunnen zitten, maar hier wordt vooral het rusteloze gevoel bedoeld dat neuroleptica kunnen opwekken. Een veel voorkomende vergissing is dat de patiënt vanwege rusteloosheid nog meer van het antipsychoticum krijgt. Daar wordt het erger van. Een bètablokker werkt goed tegen akathisie.

Hormonale veranderingen

Hormonale veranderingen kunnen optreden door verhoging van het prolactinegehalte. Het prolactine is een hormoon dat betrokken is bij de melkafgifte van de borstklier. Neuroleptica kunnen tot vergroting van de borsten leiden en zelfs tot melkafgifte. Ook bij mannen kunnen de borstklieren een beetje opzwellen en in zeldzame gevallen zelfs wat melk afscheiden. Deze bijwerking verdwijnt altijd wanneer met het middel gestopt wordt (en vaak al bij verlaging van de dosis). De hormonale verandering kan ook de menstruele cyclus beïnvloeden tot stoppen van de menstruaties aan toe. Dit kan, vanuit het idee onvruchtbaar te zijn, leiden tot onbeschermde seksuele contacten en zwangerschap. Gebruik van neuroleptica leidt vaak tot een vermindering van menstruatiepijnen.

Gewichtstoename

Gewichtstoename komt veel voor en is niet alleen het gevolg van de verminderde bewegingen bij gelijkblijvende eetlust. Er lijkt een verandering te zijn in de suikerstofwisseling waarbij de cellen ongevoeliger zijn voor insuline. Er zijn methoden en trainingen in ontwikkeling om mensen die antipsychotica gebruiken te helpen niet al te zeer in gewicht aan te komen.

Suikerziekte

Sommige antipsychotica verhogen het risico op het ontstaan van suikerziekte (diabetes mellitus). Voor clozapine en olanzapine wordt dit in de bijsluiter genoemd.

Andere bijwerkingen

Sommige bijwerkingen zijn het gevolg van de werking op andere neurotransmitters dan dopamine, zoals acetylcholine en serotonine. Te noemen zijn: sedatie (slaperigheid), bloeddrukdaling en duizeligheid bij plotselinge houdingsverandering, hartkloppingen, trage ontlasting, droge mond of juist speekselvloed en wazig zien. Deze bijwerkingen treden het meest op aan het begin van de behandeling en verdwijnen vaak daarna.

Bijwerkingen op het gebied van de seksualiteit treden vooral in hoge doseringen op. Bij mannen: verminderd vermogen om een erectie te hebben en vertraagd of niet klaar kunnen komen. Ook is de libido (zin in seks) vaak verminderd. Bij vrouwen is verminderde libido, veranderde kwaliteit of niet kunnen klaarkomen ook beschreven. Hier is echter nog minder van bekend dan van de situatie bij mannen. Patiënten en familieleden (maar ook dokters!) vinden het vaak moeilijk om over deze zaken te praten. Dit kan te maken hebben met de culturele achtergrond. Het is geheel normaal om niet over seks en zelfbevrediging te praten met je ouders. Een weigering om bepaalde medicijnen te gebruiken kan met seksuele bijwerkingen te maken hebben. Als de patiënt er uit zichzelf toe in staat is er over te praten zal hij het prettig vinden dat er met begrip naar hem geluisterd wordt. Actief vragen naar deze bijwerkingen hoort tot de taak van de arts die de medicijnen voorschrijft.

Apart genoemd moet worden het maligne neuroleptica syndroom. Dit is een zeer zeldzame bijwerking die gepaard gaat met erge spierstijfheid en koorts. Het treedt vrijwel alleen bij zeer hoge doseringen op. Zoals het woord maligne (kwaadaardig) aangeeft kan dit syndroom een dodelijke afloop hebben. Acute opname, soms op een Intensive Care, is nodig.

Samenvatting bijwerkingen per medicijn

Toelichting bij de tekens:

Verklaring van termen:

+      =   effect aangetoond
++    =   duidelijk effect
+++  =   sterk effect
±      =   soms
 -      =   geen

sederend  =  kalmerend, dempend, slaperig makend

bewegingsstoornissen  =  Parkinsonisme, spierstijfheid, verminderde beweeglijkheid, trillende handen en bewegingsonrust (akathisie)

 

Klassieke antipsychotica

Naam

antipsychotisch

sederend

bewegingsstoornissen

orthostatische hypotensie

droge mond wazig zien

Haldol

+++

+

+++

+

+

Impromen

+++

+

+++

+

+

Cisordinol

+++

+++

++

++

*

Fluanxol

+++

++

++

++

*

Orap

++

+

+

+

-

Semap

++

+

+

+

-

Trilafon

++

+

++

+

-  

Anatensol

+++

+

+++

++

+  

 

Atypische antipsychotica

naam

antipsychotisch

sederend

bewegingsstoornissen

orthostatische hypotensie

droge mond wazig zien

Leponex

+++

+++

-

+++

*

Abilify

++

-

±

±

++

Dogmatil

++

±

±

-

±

Risperdal

+++

-

±

±

+

Seroquel

++

+++

-

+

-

Zyprexa

+++

++

±

±

-


Alle middelen kunnen tot gewichtstoename leiden, clozapine sterk en olanzapine zeer sterk.

Symptomen of bijwerkingen?

Soms is het moeilijk bijwerkingen van symptomen te onderscheiden; dat geldt met name wanneer het om depressieve gevoelens gaat. Als de patiënt somber is, moet beoordeeld worden of:

  1. dit überhaupt wel met zijn ziekte of medicijnen te maken heeft (schizofrene mensen kunnen uiteindelijk net zulke sombere buien hebben als 'gezonde' mensen);
  2. het een negatief symptoom zou kunnen zijn dat tot het ziektebeeld behoort;
  3. het hier om een bijwerking van het antipsychoticum gaat.

De diagnose kan heel moeilijk zijn. Een proefbehandeling met antidepressiva kan uitsluitsel geven, maar dat vereist een uiterst nauwkeurige observatie. Sommige antidepressiva kunnen een psychose juist verergeren! Ook is het mogelijk dat de patiënt aan het begin van een behandeling met antidepressiva meer energie gaat voelen, terwijl zijn stemming nog steeds somber is; dit verhoogt het risico op zelfmoord.

Een enkele keer blijkt bovendien een patiënt niet aan schizofrenie te lijden, maar aan een manisch-depressieve stoornis. Dat vereist een heel andere behandeling! Er bestaan ook nog mengvormen van schizofrenie en een stemmingsstoornis, de zogenaamde schizoaffectieve stoornissen. Bij heftige stemmingsstoornissen moet een behandeling met lithium overwogen worden. Ook hier geldt dat de diagnose veel nauwkeurigheid vraagt.

Kortom: het zorgvuldig in kaart brengen van alle symptomen, in samenspraak met de behandelend arts/psychiater is ontzettend belangrijk.


Laatste bewerking: 22-09-2008 12:04