www.schizofrenieplein.nl www.psychoseplein.nl www.anoiksis.nl
 
 
Home   
 

Statuten vereniging Ypsilon

Vastgesteld per 5 april 2008
U kunt deze tekst ook downloaden als Word-bestand door hier te klikken.



NAAM, ZETEL EN DOELGROEP.

ARTIKEL 1.

  1. De vereniging draagt de naam: "Ypsilon".
    Zij heeft haar zetel in Rotterdam.
  2. Ypsilon is opgericht voor en door personen, van wie één of meerdere familieleden of direct bij hen betrokkenen lijden of hebben geleden aan schizofrenie of psychose.

 

DOEL EN MIDDELEN.

ARTIKEL 2.

De vereniging stelt zich ten doel de levensomstandigheden van de leden en hun familieleden of direct betrokkenen met betrekking tot het gestelde in artikel 1 lid 2, te verbeteren, onder meer door middel van:

  1. onderlinge hulp tussen de leden, individueel en in groepsverband;
  2. behartiging van de belangen van de leden en van hun familieleden of direct betrokkenen voor zover die daar zelf niet toe in staat zijn, met name bij:
    1. elke vorm van hulpverlening;
    2. politie en justitie;
    3. plaatselijke, provinciale en landelijke overheid;
    4. de samenleving;
  3. het meewerken aan de integratie van hun familieleden of direct betrokkenen in de samenleving;
  4. het samenwerken met andere groeperingen werkzaam op identieke dan wel aanverwante terreinen; en
  5. voorlichting en onderzoek.

 

LEDEN.

ARTIKEL 3.

  1. De leden van de vereniging worden onderscheiden in:
    1. gewone leden;
    2. steunleden;
    3. buitengewone leden;
    4. leden van verdienste; en
    5. ereleden.
      Daarnaast kent de vereniging begunstigers en donateurs.

    Waar in deze statuten gesproken wordt van leden en lidmaatschap worden daarmee bedoeld gewone leden, steunleden, buitengewone leden, leden van verdienste en ereleden en het lidmaatschap van deze leden, tenzij uit de statuten anderszins blijkt.
  2. Gewoon lid van de vereniging kan elk meerderjarig natuurlijk persoon zijn, die te rekenen valt tot de groep van personen, bedoeld in artikel 1 lid 2 en die de doelstellingen van de vereniging onderschrijft.
  3. Steunleden maken deel uit van het gezin van gewone leden. Zij steunen de vereniging financieel door een jaarlijkse bijdrage. Indien meerderjarig hebben zij dezelfde rechten en plichten als gewone leden, uitgezonderd het recht op toezending van Ypsilon Nieuws.
  4. Buitengewone leden zijn natuurlijke personen die niet onder de definitie van artikel 1 lid 2 vallen, maar die zich het lot van de gewone leden op niet-professionele basis willen aantrekken en de doelstelling van de vereniging onderschrijven. Zij hebben dezelfde rechten en plichten als gewone leden.
  5. Leden van verdienste zijn natuurlijke personen, die wegens hun verdiensten jegens de vereniging of in het kader van de doelstellingen van de vereniging daartoe zijn benoemd.
    Leden van verdienste worden door de ledenraad benoemd op voorstel van het bestuur.
  6. Ereleden zijn natuurlijke personen, die wegens hun buitengewone verdiensten jegens de vereniging of in het kader van de doelstellingen van de vereniging daartoe zijn benoemd.
    Zij hebben dezelfde rechten en plichten als gewone leden, behoudens de verplichting tot het betalen van contributie.
    Ereleden worden door de ledenraad benoemd op voorstel van het bestuur.
  7. Begunstigers zijn natuurlijke of rechtspersonen, die de vereniging eenmalig financieel willen steunen. Donateurs zijn natuurlijke personen of rechtspersonen, die jaarlijks een financiële bijdrage aan de vereniging geven. Begunstigers en donateurs hebben geen stemrecht
  8. Als lid kan men worden toegelaten, nadat men zich heeft aangemeld bij het landelijk bureau.
    Bij niet-toelating kan de ledenraad, op verzoek van aanvrager dan wel afdelingsbestuur, alsnog tot toelating besluiten, ofwel de niet-toelating bevestigen en met redenen omkleed binnen dertig dagen aan de aanvrager bekend maken.

 

EINDE LIDMAATSCHAP.

ARTIKEL 4.

  1. Het lidmaatschap eindigt:
    1. door opzegging door het lid;
    2. door overlijden van het lid;
    3. door opzegging namens de vereniging. Deze kan geschieden wanneer een lid heeft opgehouden aan de vereisten voor het lidmaatschap bij de statuten gesteld te voldoen, wanneer het lid zijn verplichtingen jegens de vereniging niet nakomt, alsook wanneer redelijkerwijs van de vereniging niet gevergd kan worden het lidmaatschap te laten voortduren; en
    4. door ontzetting. Deze kan alleen worden uitgesproken wanneer een lid in strijd met de statuten, de reglementen of de besluiten van de vereniging handelt of de vereniging op onredelijke wijze benadeelt.
  2. Opzegging door een lid dient schriftelijk te geschieden voor een december van het lopende verenigingsjaar. Een lid kan echter, zijn lidmaatschap onmiddellijk beëindigen indien redelijkerwijs niet van hem gevergd kan worden het lidmaatschap te laten voortduren.
  3. Opzegging namens de vereniging, alsook ontzetting, geschiedt door het bestuur, dat een lid ten spoedigste met opgave van redenen en schriftelijk in kennis stelt van het betreffende besluit onder vermelding van de datum waartegen is opgezegd of ontzet.
  4. Het lid heeft gedurende één maand na de ontvangst van de kennisgeving recht van beroep op de ledenraad; dit recht van beroep moet in de kennisgeving worden vermeld.
    Gedurende de beroepstermijn en hangende het beroep is het lid geschorst.
  5. Het bestuur is bevoegd een lid te allen tijde te schorsen, indien gronden tot opzegging of ontzetting aanwezig zijn. Een schorsing die niet binnen drie maanden gevolgd wordt door een besluit tot opzegging of ontzetting eindigt door het verloop van die termijn.
  6. Wanneer het lidmaatschap in de loop van een verenigingsjaar aanvangt of eindigt, is desalniettemin de jaarlijkse contributie voor het geheel verschuldigd.

 

ORGANISATIE VAN DE VERENIGING.

ARTIKEL 5.

De vereniging kent:

  1. een ledenraad;
  2. een bestuur;
  3. (een) commissie(s) van advies en bijstand;
  4. de kiescommissie,
  5. een adviesraad;
  6. afdelingen en samenwerkingsverbanden ,
  7. een landelijk bureau.

 

DE LEDENRAAD.

ARTIKEL 6 OMVANG.

  1. De ledenraad kan het ledental voor de volgende zittingsperiode bepalen op een aantal van minimaal twaalf en van maximaal dertig personen.
  2. Indien het aantal leden van de ledenraad daalt beneden het aantal als bepaald in lid 1 blijft de ledenraad niettemin bevoegd.
  3. Om ontstane vacatures in de ledenraad te vervullen kan het bestuur in een kiesdistrict waar een vacature is ontstaan, tussentijdse verkiezingen uitschrijven. Het bestuur is daartoe terstond verplicht zodra het aantal vacatures in de ledenraad meer dan één vierde gedeelte bedraagt.

ARTIKEL 7 KIESDISTRICTEN.

Voor de verkiezingen van de ledenraad wordt het land verdeeld in kiesdistricten. Als kiesdistrict geldt een provincie. De ledenraad kan besluiten een ledenrijke provincie op te splitsen in meerdere provinciedelen, die elk een kiesdistrict vormen. Ook kan de ledenraad besluiten een provincie met weinig leden samen met een aangrenzende provincie of provinciedeel tot één kiesdistrict te vormen.

ARTIKEL 8 STEMRECHT LEDEN YPSILON.

  1. Ieder lid van de vereniging heeft één stem.
  2. Een lid heeft kiesrecht in het kiesdistrict waarin het woont. Woont een lid in het buitenland, dan heeft het kiesrecht als wonende in Den Haag. Leden van de vereniging kunnen zich desgewenst uit het district waar zij wonen, als kiesgerechtigde laten overschrijven naar een ander district.

ARTIKEL 9 ZETELS IN DE LEDENRAAD.

  1. De leden van de ledenraad worden per kiesdistrict gekozen. Ieder kiesdistrict heeft ten minste één zetel in de ledenraad. De overige zetels worden over de kiesdistricten verdeeld naar evenredigheid van het aanta l lede n van Ypsilon , dat in het kiesdistrict als kiesgerechtigde wordt aangemerkt. Het beginsel van de grootste gemiddelden wordt hierbij toegepast.
  2. De ledenraad benoemt voor elk van haar leden een vast plaatsvervangend lid van de ledenraad. Het plaatsvervangend lid wordt voorgedragen door het lid dat voor het desbetreffende kiesdistrict in de ledenraad zitting heeft.
  3. Een lid van de ledenraad dat naar een andere kiesdistrict verhuist, behoudt het lidmaatschap van de ledenraad tot het einde van zijn reguliere zittingstermijn.

ARTIKEL 10 KIESCOMMISSIE EN VERKIEZINGEN.

  1. De ledenraadsverkiezingen worden voorbereid door de kiescommissie. De kiescommissie wordt benoemd door de ledenraad. Het landelijk bureau zorgt voor het secretariaat van de kiescommissie.
  2. Ruimschoots voor het einde van de zittingsperiode van de ledenraad stelt de kiescommissie een voordacht op met zoveel kandidaten als het aantal te verkiezen ledenraadsleden bedraagt. De kiescommissie brengt deze voordracht voor de verkiezing tijdig ter kennis van de leden.
  3. Tot uiterlijk twee maanden na het ter kennis brengen van de voordracht genoemd in lid 2 kunnen naast de door de kiescommissie voor een kiesdistrict voorgedragen kandidaten door ten minste tien in het desbetreffende kiesdistrict woonachtige leden een of meer kandidaat-ledenraadsleden worden voorgedragen.
  4. Alvorens kandidaat ledenraadsleden als bedoeld in de leden 2 en 3 van dit artikel op de voordacht worden geplaatst dienen zij schriftelijk te verklaren dat zij met plaatsing op de voordracht instemmen.
  5. De leden van de ledenraad moeten lid van Ypsilon en meerderjarig zijn,
  6. Het lidmaatschap van de ledenraad is onverenigbaar met het lidmaatschap van de adviesraad.
  7. Een lid van de kiescommissie kan niet tevens kandidaat zijn voor een zetel in de ledenraad .
  8. Personen in dienst van het bureau van de vereniging kunnen geen lid van de ledenraad zijn.
  9. Indien naast de door de kiescommissie voorgedragen kandidaat ledenraadsleden geen kandidaten zijn gesteld zijn de eerstbedoelde kandidaten gekozen. Zijn er wel een of meer andere kandidaten gesteld, dan wordt door de leden in het betrokken kiesdistrict door stemming beslist wie tot lid van de ledenraad is verkozen.
  10. De uitslag van de stemming wordt zo spoedig mogelijk ter kennis van de leden gebracht. Degenen die tot lid van de ledenraad zijn verkozen ontvangen daarvan schriftelijk bericht.

ARTIKEL 11 UITWERKING.

De bepalingen van de artikelen 6 tot en met 10, de in de procedure in acht te nemen termijnen en de selectiecriteria voor kandidaatstelling worden naar behoefte uitgewerkt in het huishoudelijk reglement.

ARTIKEL 12 LIDMAATSCHAP VAN DE LEDENRAAD.

  1. De leden van de ledenraad worden gekozen voor een periode van vier jaar. Zij kunnen na het verstrijken van deze periode tweemaal opnieuw verkiesbaar worden gesteld. Vervolgens zijn zij niet opnieuw verkiesbaar dan na verloop van vier jaren.
  2. De zittingsperiode van de leden van de ledenraad vangt aan op de eerste dag van de maand, volgend op die waarin hun verkiezing plaatsvond.
  3. Een ledenraadslid benoemd ter voorziening in een tussentijds ontstane vacature heeft zitting voor de tijd die zijn voorganger nog te vervullen had, onverminderd het bepaalde in lid 1 van dit artikel.
  4. Het lidmaatschap van de ledenraad eindigt voorts:
    1. door beëindiging van het lidmaatschap van de vereniging;
    2. door bedanken;
    3. door toetreding tot de Raad van Advies;
    4. door overlijden;
    5. door ondercuratelestelling of verlies van het beheer over het eigen vermogen.

ARTIKEL 13 TAKEN EN BEVOEGDHEDEN VAN DE LEDENRAAD.

De taken van de ledenraad zijn onder meer:

  1. het vaststellen van het algemeen beleid op korte - en lange termijn en het houden van toezicht op de uitvoering ervan door bestuur en afdelingsbesturen;
  2. het kiezen van het bestuur;
  3. het goedkeuren van jaarverslag, begroting en financiële verantwoording;
  4. het verzorgen van een onafhankelijke controle op het financieel beheer;
  5. het benoemen en ontslaan van de hoofdredacteur van Ypsilon Nieuws;
  6. het benoemen en ontslaan van de directeur van Ypsilon alsmede het vaststellen van zijn arbeidsvoorwaarden.

ARTIKEL 14 VERGADERINGEN VAN DE LEDENRAAD.

  1. De ledenraad komt zo vaak bijeen als wordt nodig geacht, doch ten minste tweemaal per jaar. De ledenraad kan ook worden bijeengeroepen als ten minste één/derde van het aantal leden van de ledenraad dit noodzakelijk acht en dit schriftelijk kenbaar maakt.
  2. De leden van de ledenraad worden ten minste veertien dagen van tevoren schriftelijk onder opgave van de agenda ter vergadering opgeroepen.
  3. Elk lid kan zijn stem uitbrengen door een schriftelijk daartoe gemachtigd ander lid. Een in de vergadering aanwezig lid kan niet meer dan twee machtigingen aanvaarden. Voor de stemming moeten de desbetreffende machtigingen aan de voorzitter worden overgelegd.
  4. Een lid heeft geen stemrecht over zaken, die hem, zijn echtgenoot of één van zijn bloed- of aanverwanten in de rechte lijn betreffen.
  5. Voor een rechtsgeldig besluit dient ten minste de helft van de leden van de ledenraad ter vergadering aanwezig of bij schriftelijke volmacht vertegenwoordigd te zijn.
  6. Stemmen over zaken geschiedt mondeling, over personen schriftelijk. Het aannemen van voorstellen bij acclamatie is mogelijk, mits dit geschiedt op voorstel van de voorzitter en geen lid om stemming vraagt.
  7. a. Over alle voorstellen betreffende zaken wordt beslist bij gewone meerderheid van de uitgebrachte stemmen, voor zover de statuten niet anders bepalen. Bij staking van stemmen wordt het voorstel geacht te zijn verworpen.
    b. Bij stemming over personen is hij gekozen, die de volstrekte meerderheid van de uitgebrachte stemmen op zich heeft verenigd. Indien niemand die meerderheid heeft verkregen wordt een tweede stemming gehouden tussen de twee personen, die het grootste aantal van de uitgebrachte stemmen hebben verkregen en is hij gekozen, die bij de tweede stemming de meerderheid van de uitgebrachte stemmen op zich heeft verenigd.
    Indien bij een tweede stemming de stemmen staken beslist het lot.
    Onder stemmen wordt in dit artikel verstaan geldig uitgebrachte stemmen.
  8. De vergadering wordt geleid door een voorzitter, die de ledenraad voor ten minste één jaar uit zijn midden benoemt. Bij zijn afwezigheid of ontstentenis, of om gewichtige redenen, zal één van de andere leden als leider van de vergadering optreden.
  9. Een ter vergadering door de voorzitter uitgesproken oordeel dat een besluit is genomen, is beslissend. Indien echter onmiddellijk na het uitspreken van dit oordeel de juistheid ervan wordt betwist, vindt een nieuwe stemming plaats wanneer een meerderheid van de vergadering of, indien de oorspronkelijke stemming niet hoofdelijk of schriftelijk geschiedde, een stemgerechtigde aanwezige dit verlangt.

 

BESTUUR.

ARTIKEL 15.

  1. De algemene leiding van de vereniging binnen de door de ledenraad vastgestelde kaders berust bij het bestuur, dat door de ledenraad – bij voorkeur uit zijn midden – wordt gekozen.
  2. Het bestuur bestaat uit zoveel personen als nodig is voor een efficiënte taakverdeling en bestaat ten minste uit de voorzitter, de secretaris en de penningmeester, die in functie worden gekozen ..
  3. Het rooster van aftreden is hetzelfde als dat van de ledenraad.
  4. Een lid van het bestuur kan te allen tijde door de ledenraad worden ontslagen of geschorst.

 

VERTEGENWOORDIGING / GOEDKEURING LEDENRAAD / TAKEN BESTUUR.

ARTIKEL 16.

  1. Het bestuur vertegenwoordigt de vereniging in en buiten rechte. De vertegenwoordigingsbevoegdheid komt bovendien toe aan twee gezamenlijk handelende bestuursleden.
  2. Voor het aangaan van geldleningen, het doen van beleggingen, alsmede voor het kopen, vervreemden, bezwaren, huren en verhuren van registergoederen, voor overeenkomsten, waarbij de vereniging zich als borg of hoofdelijke medeschuldenaar verbindt, is de goedkeuring van de ledenraad vereist.
  3. Het bestuur dient in het bijzonder aandacht te hebben voor de volgende aspecten van zijn taak:
    1. het uitvoeren van de besluiten van de ledenraad;
    2. het opstellen van een jaarverslag;
    3. het beheren en beschermen van het ledenbestand;
    4. het opstellen en afwikkelen van de jaarlijkse begroting en het opstellen van de jaarrekening;
    5. het beheren van het vermogen van de vereniging volgens de beginselen van behoorlijk zakelijk beheer;
    6. het verstrekken van voldoende informatie over activiteiten en besluiten van bestuur en ledenraad aan de afdelingen, samenwerkingsverbanden en werkgroepen;
    7. het oproepen tot - en het voorbereiden van vergaderingen van de ledenraad;
    8. het leggen en onderhouden van contacten met de landelijke overheid, landelijke instellingen en organisaties;
    9. het vaststellen van een personeelsbeleid binnen de richtlijnen van de ledenraad
    10. het houden van toezicht op de directeur en het landelijk bureau.
  4. Indien het bestuur niet voltallig is, behoudt het niettemin zijn bevoegdheden, onverminderd de verplichting van de ledenraad om in de vacature te voorzien.

 

COMMISSIE(S) VAN ADVIES EN BIJSTAND.

ARTIKEL 17.

De ledenraad kan besluiten tot het instellen van een of meerdere commissies van advies en bijstand met vastgestelde opdracht.

 

ADVIESRAAD.

ARTIKEL 18.

De ledenraad kan besluiten tot het instellen van een adviesraad. De adviesraad bestaat uit deskundigen. De leden van de adviesraad behoeven geen lid van de vereniging te zijn. De raad kan gevraagd en ongevraagd advies geven aan de ledenraad.

De raad bestaat uit ten hoogste twaalf personen. De leiding van vergaderingen wordt in onderling overleg tussen de leden van de raad geregeld.

 

DIRECTEUR EN LANDELIJK BUREAU.

ARTIKEL 19.

  1. Binnen de door ledenraad en bestuur bepaalde kaders berust de dagelijkse leiding van de vereniging bij de directeur. De taken en bevoegdheden van de directeur worden door het bestuur in het directiestatuut vastgelegd en ter kennis gebracht van de Ledenraad.
  2. Het landelijk bureau wordt geleid door de directeur.
  3. Het landelijk bureau geeft voorlichting, advies en steun aan individuele verenigingsleden, aan afdelingen en aan samenwerkingsverbanden
  4. Het landelijk bureau ondersteunt de ledenraad en het bestuur.
  5. Het bestuur is bevoegd de directeur te schorsen indien gronden tot ontslag aanwezig zijn.
    Een schorsing die niet binnen drie maanden gevolgd wordt door ontslag door de ledenraad eindigt door het verloop van die termijn.

 

GELDMIDDELEN / JAARVERSLAG

ARTIKEL 20.

  1. De geldmiddelen bestaan uit:
    1. contributies;
    2. bijdragen van begunstigers en donateurs;
    3. algemene subsidies en subsidies voor bijzondere doeleinden; en
    4. giften;
    5. legaten en erfstellingen.
    6. vergoedingen voor verrichte diensten
  2. De hoogte van contributie en donateursbijdrage wordt jaarlijks vastgesteld door de ledenraad.
  3. Het bestuur is verplicht van de vermogenstoestand van de vereniging zodanige aantekeningen te houden dat daaruit te allen tijde haar rechten en verplichtingen kunnen worden gekend.
    Het bestuur brengt binnen zes maanden na afloop van een verenigingsjaar, behouden verlenging van deze termijn zijn verslag uit over dit verenigingsjaar en legt, onder overlegging van een balans en een staat van baten en lasten, rekening en verantwoording over zijn in dat jaar gevoerd bestuur.
    Alle jaarstukken van de vereniging worden gecontroleerd door een door de ledenraad te benoemen registeraccountant of accountant-administratieconsulent.

 

STATUTENWIJZIGING

ARTIKEL 21.

  1. Voorstellen tot wijziging van deze statuten moeten, om op een ledenraadsvergadering te worden behandeld, minstens één maand te voren ter kennis van de leden van de ledenraad worden gebracht.
    Besluiten tot wijziging van de statuten behoeven om geldig te zijn twee/derden van het aantal ter vergadering uitgebrachte geldige stemmen terwijl minstens twee/derden van de stemgerechtigde leden aanwezig of vertegenwoordigd moet zijn. Indien minder dan twee/derden van de stemgerechtigde leden aanwezig of vertegenwoordigd is, wordt het voorstel tot wijziging op de eerstvolgende ledenraadsvergadering behandeld, die dan met twee/derden ter vergadering uitgebrachte geldige stemmen het besluit tot wijziging neemt, ongeacht het aantal aanwezige - of vertegenwoordigde leden.
  2. Een statutenwijziging treedt niet in werking dan nadat hiervan een notariële akte is opgemaakt.
    Tot het doen verlijden van deze akte is ieder lid van het bestuur bevoegd onder overlegging van een uittreksel van de notulen van de vergadering..

 

ONTBINDING.

ARTIKEL 22.

  1. Tot ontbinding van de vereniging kan worden besloten op voorstel van de ledenraad door de ledenraad in een vergadering waarin ten minste drie/vierden van de leden van de ledenraad aanwezig of vertegenwoordigd is en bij meerderheid van ten minste twee/derden van de uitgebrachte geldige stemmen.
  2. Wanneer een besluit tot ontbinding van de vereniging ten gevolge van onvoldoende opkomst niet kan worden genomen, moeten de voorstellen dienaangaande uiterlijk binnen vier weken opnieuw door de ledenraadsvergadering worden behandeld welke als dan bevoegd is met ten minste twee/derden van de uitgebrachte geldige stemmen te beslissen ongeacht het aantal aanwezige - of vertegenwoordigde leden van de ledenraad.
  3. Bij ontbinding van de vereniging is het bestuur belast met de vereffening, tenzij andere vereffenaars door de ledenraad zijn aangewezen.
    Gedurende de vereffening blijven de bepalingen van deze statuten zoveel mogelijk van kracht.
  4. Een eventueel batig saldo zal worden aangewend voor een door de ledenraad te bepalen algemeen nut beogende instelling, waarvan de doeleinden het meest met het doel van de vereniging overeenstemmen, dan wel voor andere doeleinden waarmee het algemeen belang wordt gediend.

.

VERENIGINGSJAAR.

ARTIKEL 23.

Het verenigingsjaar is gelijk aan het kalenderjaar.

HUISHOUDELIJK REGLEMENT.

ARTIKEL 24.

  1. Aangelegenheden van de vereniging, waarin de statuten niet voorzien, worden voor zover nodig geregeld bij reglementen, die – tenzij anders bepaald – door de ledenraad worden vastgesteld.
  2. Het Huishoudelijk Reglement zal geen bepalingen mogen bevatten die afwijken van - of in strijd zijn met de bepalingen van de wet of de statuten.
  3. Het Huishoudelijk Reglement kan regels stellen waaraan afdelingen en samenwerkings- verbanden zich binnen de vereniging Ypsilon dienen te houden.

 

SLOTBEPALING

ARTIKEL 25.

Aan de ledenraad komen alle bevoegdheden toe die niet door de wet en de statuten aan andere organen zijn opgedragen.

 


 

HUISHOUDELIJK  REGLEMENT 

 

AFDELING EN AFDELINGSBESTUUR.


ARTIKEL 1.

  1. De vereniging is verdeeld in afdelingen.
  2. Elke afdeling wordt geleid door een werkgroep of bestuur, hierna aangeduid met afdelingsbestuur.
  3. Elke afdeling heeft een afdelingsreglement.
    Reglementen van een afdeling en de wijzigingen daarin mogen geen bepalingen bevatten welke strijdig zijn met de statuten en reglementen van de vereniging;
  4. Het afdelingsbestuur heeft de volgende taken:
    1. het afdelingsbestuur voert de aanwijzingen en besluiten van het bestuur en de ledenraad uit;
    2. het afdelingsbestuur deelt zijn samenstelling en eventueel latere wijzigingen telkens binnen een maand mede aan het bestuur; en
    3. het afdelingsbestuur wordt benoemd door de in het gebied van de afdeling wonende leden.
  5. Het afdelingsbestuur zet zich zoveel mogelijk in voor de doelstellingen van de vereniging, neergelegd in artikel 2 en verzorgt het realiseren ervan binnen het gebied van de afdeling.
  6. Bij ernstige geschillen tussen afdelingen of binnen een afdeling zal het bestuur bemiddelen en, zo nodig, bindende richtlijnen geven.

 

SAMENWERKINGSVERBAND.


ARTIKEL 2.

  1. Afdelingen of groepen die in verenigingsverband in een gebied werken kunnen een samenwerkingsverband aangaan.
  2. In het samenwerkingsverband kunnen zowel afdelingsbestuurders alsook andere leden van de vereniging zitting hebben.
  3. Het samenwerkingsverband bestaat uit maximaal tien leden, van wie de deelnemende afdelingen en/of groepen er ieder één of twee aanwijzen, al naar gelang hun grootte.
    Wegens bijzondere omstandigheden kan worden afgeweken van de genoemde aantallen.
  4. Het samenwerkingsverband kan de volgende taken vervullen:
    1. het leggen en onderhouden van contacten met de provinciale, casu quo meerdere afdelingen regarderende overheid, instituten en organisaties;
    2. het deelnemen aan landelijke werkgroepen van de vereniging;
    3. het (doen) uitvoeren van bijzondere opdrachten ten behoeve van afdelingen of bestuur dan wel ledenraad;
    4. waar nodig aan afdelingsopbouwwerk doen;
    5. "passieve" afdelingen vertegenwoordigen en betrekken bij verenigingsactiviteiten;
    6. het versterken van de solidariteit tussen de afdelingen en, waar nodig, het ondersteunen en stimuleren van afdelingsacties; en
    7. waar nodig, zorg dragen dat de belangenbehartiging in de afdelingen goed verloopt.
  5. Voor gebieden waar nog geen afdelingsbestuur bestaat maar wel leden van de vereniging wonen, kan het bestuur het samenwerkingsverband opdragen als voorlopig afdelingsbestuur te fungeren totdat de leden in het gebied zelf een afdelingsbestuur hebben gevormd.



dot Klik hier voor een printversie van deze pagina
dot Sitemap
dot Naar het begin van deze pagina
dot Laatste bewerking: 4 april 2008