U bent hier:
  1. Extra pagina's
  2.  > voor naasten
  3.  > ervaringen trainingen
  4.  > Dagboek van een moeder in opleiding 1

Dagboek van een moeder in opleiding

Niet het vele weten, maar het voelen met je hart leerde ik in de geestelijke oefeningen van Ignatius van Loyola (uit de 16e eeuw). Dat voelen is het belangrijkste, maar toch wil ik ook weten! Hoe kan ik, zo effectief mogelijk, met mijn dochter omgaan? Mijn dochter met die verwarrende ingewikkelde ziekte schizofrenie. Een oplossing voor haar ziekte mag ik, helaas, in deze training niet verwachten. Maar ik wil leren hoe ik het beste kan reageren. Liefdevol, maar zó dat ik er niet zelf aan onderdoor ga. Zodat ik nog energie overhoud om mijn eigen leven te leiden. En niet uitgeput raak. Van de 42 deelnemers zijn twee groepen gevormd. Bas van Raay en Yvonne Willems, beiden psycholoog, zijn onze docenten. Van hen gaan wij leren of wij, ook zónder wijn, communicatiespecialisten kunnen worden.

Vol verwachting begin ik aan de eerste bijeenkomst. We spreken af dat wij met het volste vertrouwen, vrijuit mogen praten en dat wij dat vertrouwen niet zullen schenden. Dat we mogen 'passen' wanneer wij ergens niet op dóór willen gaan. En dat wij respect zullen tonen voor elkaars mening. Nadat Bas en Yvonne hun doelstelling voor deze cursus hebben verteld, nodigen zij ons daartoe uit.

"Wat wil je hier leren, wat kom je in deze cursus halen? Het is jouw cursus, benut hem optimaal. Kom met je eigen voorbeelden. Vertel jouw doel, wat wil jij bereiken met deze cursus?"

Voor mij is het antwoord duidelijk: Ik wil leren effectief te communiceren met mijn dochter. Zij heeft last van een zeer dominante stem in haar hoofd, van wie zij niets mag dat fijn, lekker, gezond, mooi of goed is. Ook wil ik op één lijn komen met haar hulpverleners wat betreft de benadering van deze dominante stem die haar leven zó beïnvloedt. Als in deze triade een liefdevolle en voor elkaar begripvolle effectieve communicatie mogelijk is, dan heb ik mijn doel voor deze cursus bereikt. Vele doelen zijn voor iedereen herkenbaar:
  • Ik wil geen scheidsrechter meer zijn tussen huisgenoten. Afstand kunnen nemen bij conflicten. Eerlijk kunnen zijn in de relaties.
  • Grenzen stellen zonder dat je hem, de zoon, verliest. Confronteren op een helpende manier. Mijn aandacht ook eens op iets anders richten.
  • Meer energie ook eens voor iets anders gebruiken.
  • Begeleiden van mijn zoon, zodat het hem ontlast, hem helpt.
  • Helpen zelfstandig te worden. 
  • Hij claimt mij, ik heb geen eigen leven.
  • Een open, gelijkwaardige relatie, graag met humor! Niet op elkaars territorium. Omgaan met afstand en toch nabij zijn. Niet ongevraagd advies geven. Meer afstand nemen. Eerlijk zijn en toch keuzes maken in wat je zegt of niet zegt.
  • Vaardig worden in het stellen van grenzen.
  • Leren omgaan met kritieke, psychotische perioden.
  • Mijn machteloosheid vreet energie, hoe ga ik daarmee om? Er is moed voor nodig om los te laten. Mijn bemoeienis verhelpt niets. De ander ruimte geven dan krijgt zijn ontwikkeling kansen. Ik wil weer genieten van wat ik doe.
  • Mijn innerlijke rust terug vinden. In theorie weet ik het wel. Maar de praktijk brengt mij weer uit balans.
  • Ik wil niet leren rustig te blijven. Ik ben zijn moeder! Wat ik ook zeg of doe, het is nooit goed. Het doet mij pijn als ik hem zo hulpeloos zie zitten. Hoe kan ik hem helpen ?
  • Ik heb het afgeleerd om normaal te converseren met mijn kind. Hoe pak ik dat aan ?

Het is zoals het is Tijdens deze opsomming van doelen, nodigt Bas ons regelmatig uit op de mat. Geen judomat, maar een rood/groene mat. En dan pluist hij onze gedachten uit: "Waar sta je nu als je dit denkt of zegt? Voelt het goed of ben je er boos om?" De kleuren worden al gauw duidelijk: Als er geen goed contact is met de ander, ga je op rood staan. Ook die ander staat aan zijn kant op rood of groen. "Wees duidelijk, zeg wat je bedoelt. Zeg geen groen als je rood voelt of bedoelt. Dat is verwarrend". En: "Omstandigheden kun je niet veranderen. Wel jouw reactie er op". Sta jij op rood, dan is dat jouw verantwoording en kun je er iets aan doen. Staat de ander op rood dan heb je de keuze om te helpen of het te accepteren. Er is verschil tussen niet willen en niet kunnen. Als jij of de ander niet kan, dan moet je accepteren dat het is zoals het is. Daar kun je om rouwen aan weerskanten. Maar het heeft geen zin om van dit onvermogen van de ander toch te blijven eisen of vragen. Om jezelf of de ander uit het rood te krijgen, kun je vragen: Wat is er gebeurd? Van wie is het probleem? Zo leerden wij op de eerste dag al veel. Ook het onderscheid tussen het concrete gedrag en onze eigen interpretatie daarvan. Als mijn dochter lang in bed ligt kan ik haar lui vinden of ik kan begrijpen dat zij weinig energie heeft. Belangrijk daarbij is of het gedrag voor mij aanvaardbaar is of niet. We ontdekken dat wij onze grenzen in de loop der jaren aardig hebben verlegd. Waar ligt mijn grens en hoe geef ik die effectief en duidelijk aan? Met deze opdracht als huiswerk voor de komende week nemen we afscheid. Actief piekeren Op de tweede bijeenkomst gaan de docenten nog eens uitvoerig in op ieders doelstelling voor de cursus. En door middel van oefeningen kijken we goed naar onszelf, naar ons eigen functioneren. Welke beperkingen legt de ziekte schizofrenie mij op? Hoeveel zeggenschap heb ik nog over mijn eigen leven, met betrekking tot de relatie met mijn dochter? Over mijn gedachten, mijn piekeren, mijn zorgen, maar ook concreet over mijn eigen ruimte, mijn huis, mijn geld, het werk wat ik doe? Mijn vrije tijd, mijn vakantie, mijn contacten met anderen> Uit deze oefening leren wij dat de ziekte van ons familielid ons leven sterk beïnvloedt. We hebben een hoop ingeleverd. Waar besteed ik de meeste tijd aan? Welke activiteiten? Dat piekeren ook een activiteit is, zou ik niet gauw bedacht hebben. Eigenlijk zou ik daar minder tijd en dus ook minder energie in willen stoppen. Me bewust worden dat er toch veel activiteiten zijn waar ik graag (weer) wat meer tijd aan zou willen besteden, is al een stap in de goede richting. Wat doe ik nog met mijn partner samen? Zou ik niet wat meer contact met vrienden willen? Meer tijd voor mijn hobby's, maar ook meer tijd aan mijn andere kinderen willen besteden? De opdracht om drie activiteiten te kiezen die je graag weer meer zou willen doen en dat ook echt deze maand te gaan doen, was een goede stimulans! Ik probeer er een paar dagen tussenuit te gaan met mijn partner. Tentje op de fiets of in de rugzak en dan even niet piekeren onderweg. Maar genieten van het voorjaar. Zal het lukken?

Josje Visser

Bron: Ypsilon Nieuws

sluit venster