U bent hier:
  1. home
  2.  > voor naasten
  3.  > advies en steun
  4.  > overleg met de hulpverlener

Omgaan met de hulpverlener

1. Onderschat de waarde van uw eigen inbreng niet
Het is lastig een gelijkwaardige gesprekspartner van de hulpverlener te zijn, als je er tegelijkertijd van afhankelijk bent. Toch is een gelijkwaardige relatie een voorwaarde voor een goed contact met de hulpverlener; ieder heeft zijn eigen waardevolle inbreng. Geef de hulpverlener dus de informatie waarvan u zelf denkt dat die van belang kan zijn. Vertrouw daarbij op uw eigen kennis over uw zieke familielid.

2. Zie de hulpverlener als bondgenoot
Hulpverleners doen wat binnen hun mogelijkheden ligt om een zo goed mogelijke zorg te bieden. Is dat naar uw gevoel niet genoeg, praat er dan met hen over. De hulpverlener iets verwijten is de snelste manier om van elkaar vervreemd te raken.

3. Accepteer de beperkingen van de hulpverlener
Om allerlei redenen kan de behandeling van een psychose niet optimaal verlopen. Een goede behandeling vergt van hulpverleners veel kennis, vaardigheden en deskundigheid. Niet iedereen heeft dat in huis. Bovendien is nog lang niet alles bekend. Maar het is ook mogelijk dat in uw regio de gewenste opvang voor uw familielid gewoonweg (nog) niet beschikbaar is.
Het kan dus goed zijn dat de hulpverlener zegt geen oplossing voor handen te hebben. Overleg dan samen over mogelijke alternatieven. Wellicht weet een collega-hulpverlener raad.

4. Ga niet op de stoel van de hulpverlener zitten
Neem geen taken op u die bij de hulpverlening thuishoren.

5. Laat eerlijk blijken wat er in u omgaat
Bespreek open wat u bezighoudt en stel alle vragen die u wilt. Als u iets niet begrijpt of ergens uw vraagtekens bij zet, vraag dan door.

Jan Zandijk blogt
Over wat hij meemaakt als voorzitter van Ypsilon. Lees en reageer!
sluit venster