U bent hier:
  1. Extra pagina's
  2.  > actueel
  3.  > Weblog
Politieke ontwikkelingen
Hein Koger beschrijft de gevolgen van de politieke ontwikkelingen voor Ypsilon.

Knelpunten bij de overgang beschermd wonen van de AWBZ naar de Wmo

Vanaf 1 januari 2015 wordt beschermd wonen niet langer via de AWBZ betaald maar door de gemeente via de Wmo. Zonder eerst grondig onderzoek naar de gevolgen te doen is daar door de regering en parlement vrij plotseling toe besloten. Aanvankelijk lag er een heel ander ogenschijnlijk veel haalbaarder plan, namelijk een overgang van de AWBZ naar Zvw (Zorgverzekeringswet) Dit laatste plan stond in het regeerakkoord van 2012 en het zorgakkoord van voorjaar 2013. Deze overgang zou volgens plan zonder grote ingrepen gaan verlopen. Bood wel mogelijkheden om de uitgaven veel beter in de hand te houden dan tot nu toe in de AWBZ het geval was.

In de loop van 2013 maakten zorgverzekeraars echter grote bezwaren tegen deze transitie. Beschermd wonen zou veel te ver verwijderd zijn van de zorggebieden waarin zij expertise hebben.

Als gevolg hiervan besloot de regering het plotseling over een geheel andere boeg te gooien. Transitie naar de Wmo in plaats van naar de Zvw werd het nieuwe doel. Bij enkele belangrijke belanghebbenden, GGZ Nederland en de RIBW alliantie stuitte deze drastische koersverlegging met grote gevolgen aanvankelijk op flinke weerstand. Ze dreigden zelfs met een gang naar de rechter. Zij vroegen zich af wat het zorgakkoord waarin een transitie naar de Zvw afgesproken was nu eigenlijk waard was. Inmiddels zijn we een jaar verder en is elke partij overstag en wordt door iedereen eigenlijk wel aanvaard dat beschermd wonen naar de Wmo gaat. In grote haast is de overheid, vooral de gemeenten, nu bezig allerlei regelingen op te tuigen die de transitie op 1 januari aanstaande mogelijk maken.

De financiering van beschermd wonen via de AWBZ zorgkantoren verloopt tot nu toe behoorlijk gesmeerd. Er is relatief weinig administratieve rompslomp. Wanneer straks alle 410 Nederlandse gemeenten afzonderlijk deze regeling gaan uitvoeren ontstaat er wel een andere situatie en deze decentralisatie zou daardoor alleen al eens duur kunnen uitpakken. Dit is wel ten dele door de centrale overheid voorzien: het kabinet besloot 43 zogenaamde centrumgemeenten aan te wijzen die het merendeel van de organisatorische en financiële zaken voor beschermd wonen moeten gaan regelen. In grote haast heeft men inmiddels deze 43 gemeenten uitgekozen. Zij krijgen vanaf 1 januari 2015 alle geld voor beschermd wonen van de centrale overheid, voor 2015 in totaal 1,25 miljard euro. en verdelen dit dan weer over alle 410 gemeenten naar rato van hun inwoners die onder beschermd wonen vallen. Alle 410 gemeenten moeten zich wel verdiepen in de vele aspecten van beschermd wonen en iedere gemeente afzonderlijk gaat daar zijn eigen regels voor opstellen. Momenteel zijn daar in heel Nederland vele honderden, waarschijnlijk zelfs duizenden ambtenaren, meestal extern ingehuurd, mee bezig. Waarschijnlijk door de grote haast die er was bij de afbakening van centrumgemeenten zijn er nog al wat missers gemaakt. Bestaande beschermd wonen organisaties worden daardoor benadeeld.

Regionale instellingen voor beschermd wonen (RIBW’s) opgeknipt door gekozen afbakening regio centrumgemeenten

Van oudsher wordt een substantieel deel (circa 50 procent) van beschermd wonen in Nederland uitgevoerd door RIBW’s. De regionale grenzen van deze instellingen komen echter niet overeen met de nu gekozen grenzen van de centrumgemeenten. Een voorbeeld is de situatie in mijn woonplaats Haarlem.

Haarlem

Haarlem is als centrumgemeente aangewezen voor Zuid-Kennemerland, Haarlemmermeer en de IJmond. Samen omvat dit gebied 10 gemeenten met in totaal circa 570.000 inwoners. Het beschermde wonen in deze regio wordt door in totaal 4 zorgaanbieders geleverd, met als verreweg de grootste de RIBW KAM. Deze zal echter voor een drietal van zijn woonlocaties in Amstelveen en Castricum een heel andere regeling moeten opzetten omdat ze onder een andere centrumgemeente, in dit geval Amsterdam en Alkmaar, vallen. Dit soort toch wel zeer ongewenste situaties doet zich bij vele RIBW’s, meestal veel ernstiger, in Nederland voor. Het geeft RIBW’s behoorlijk wat extra administratieve en organisatorische lasten. Met een betere voorbereiding had dit wellicht voorkomen kunnen worden.

Haarlem krijgt over 2015 37 miljoen van het rijk om het beschermd wonen in de 10 gemeenten volgend jaar te betalen. In totaal zijn er 740 plaatsen beschermd wonen in deze gemeenten en op de wachtlijst staan nog eens 270 mensen. Het bedrag van 37 miljoen is gelijk aan het bedrag dat in 2014 via de AWBZ aan beschermd wonen wordt uitgegeven. De jaren daarna zal dit bedrag elk jaar gaan dalen.

Voor de extra kosten die ze bij de voorbereiding in 2014 maken krijgt Haarlem nog eens 100.000 euro. Als je de vele ambtenaren en medewerkers bij de RIBW die zich met de transitie bezighouden in ogenschouw neemt, dan constateer je al gauw dat dit bedrag een lachertje is.

 

Onderscheid tussen ZZP C en ZZP B geen goede graadmeter voor ernst van de aandoening

Voornamelijk doordat er vooralsnog betere criteria ontbreken lijkt het onderscheid tussen de C en B pakketten voor de langdurige intramurale zorg een belangrijke rol voor de toegang tot de Wlz te gaan spelen. Een C-pakket betekent intramurale zorg zonder behandeling en een B-pakket met behandeling. Ga je naar een beschermde woonvorm dan krijg je een C-pakket en in een psychiatrische instelling krijg je een B-pakket. Nu is de kans op het krijgen van de indicatie ZZP-B lang niet overal in Nederland gelijk. Er bestaan namelijk meerdere psychiatrische instellingen die zelf locaties voor beschermd wonen hebben. Bekende voorbeelden zijn Yulius in Dordrecht, Mondriaan in Limburg en Emergis in Zeeland. Dit noemt men geïntegreerde instellingen. In totaal zijn er in Nederland zo’n 3.000 bedden voor beschermd wonen verbonden aan een psychiatrische instelling.. (in totaal verblijven er ca. 28.000 mensen in beschermd wonen).

Een flink deel van de mensen dat beschermd in een geïntegreerde instelling woont heeft nu al de ZZP-B indicatie. Nu besloten is beschermd wonen over te hevelen naar de Wmo zal elke instelling er alles aan doen om nog uitsluitend ZZP-B indicaties in zijn instelling te krijgen. De instellingen verliezen immers over 5 jaar elke zeggenschap over al het beschermde wonen voor mensen met een ZZP-C indicatie. De ZZP-C indicaties voor de GGZ zijn dan geheel afgeschaft. De geneesheer-directeur van een instelling wordt zo geheel ondergeschikt aan de wethouder van de gemeente. Deze laatste bepaalt straks wie er plaats krijgt in een woonvorm en wie hem moet verlaten. Zo ver willen de instellingen het uiteraard niet laten komen.

Het lijkt door de twee elkaar versterkende ontwikkelingen, het bestuurlijk GGZ akkoord uit 2012 over de ambulantisering en vanaf 2015 de transitie van AWBZ naar Wmo bijna niet meer mogelijk een nieuwe woonvorm middels een ouderinitiatief te starten. Gemeenten hebben wel andere zaken aan hun hoofd. Bestaande woonvormen zullen alle zeilen moeten bijzetten om hun huidige positie te behouden. Toch lijkt er nog wel iets mogelijk. In Zeeland is via een ouderinitiatief 8 jaar geleden Zeeuwse Gronden opgericht. Dit is uitgegroeid tot een kleinschalige psychiatrische instelling die zowel klinische behandeling als beschermd wonen in de GGZ aanbiedt. Iedereen in beschermd wonen krijgt hier een ZZP-B indicatie die na verloop van tijd uitzicht geeft op toelating tot de Wlz.  Zeeuwse gemeenten zien dit wel zitten en er zijn op diverse plaatsen plannen voor nieuwe woonvormen.

Onzekerheid en administratieve rompslomp bij bepalen eigen bijdrage

In de AWBZ wordt voor langdurig intramuraal verblijf een eigen bijdrage gevraagd. Voor een gemiddelde cliënt in beschermd wonen betekent dit toch wel dat circa de helft van zijn inkomen naar de eigen bijdrage AWBZ gaat. Dat wordt allemaal vrij efficiënt op basis van beschikbare inkomens en belastinggevens centraal door het CAK geregeld en geïnd. Kenmerk van de transitie van AWBZ naar Wmo is echter dat alle centrale regelingen vervallen en elke gemeenten afzonderlijk voor zijn inwoners dient te bepalen hoe hoog bijvoorbeeld de eigen bijdrage Wmo voor beschermd wonen wordt. Alle 410 gemeenten moeten dan ook voor 1 januari 2015 in een regeling vastleggen wat hun algemene beleid zal zijn. Tot nu toe heeft geen enkele gemeente hier iets over naar buiten gebracht.

Hein Koger


Reageer!


sluit venster